Beste bezoeker, het is toegestaan dit verslag voor privé doeleinden te gebruiken.
Het is echter niet toegestaan dit verslag of delen daarvan te kopieëren, en op een andere internetsite
ter beschikking te stellen en/of openbaar te maken dmv druk, fotokopie zonder voorafgaande
schriftelijke toestemming van mij. Voor vragen, bijv. over links, kun je me altijd emailen.
Statestieken

De wereld gaat aan vlijt ten onder

Boekverslag 17-08-1996. Gemaakt door Walter ter Maten, Son en Breugel.


Auteur: Max Dendermonde (pseudoniem van Henk Hazelhoff), 1919.
Titel: De wereld gaat aan vlijt ten onder.
Uitgeverij: Em Querido's Uitgeverijmaatschappij N.V., A'dam, 1954.
Aantal pagina's: 220.
Omslagontwerp: Theo Kurpershoek.

Ander werk:

Samenvatting:

De hoofdpersoon is Alec. J(ames) Weatherwood, een persoon die vooral intellectuele rust nastreeft (dus die baantjes zoekt die veel gelegenheid geven tot boeken lezen...). Dit uit zich in de diverse baantjes die hij zo in de loop van de jaren heeft. Barkeeper, jongerenkamp-beheerder, hulpje van een UNESCO man, die verhalen houdt (met dia's, grammofoonmuziek) in deze kampen, zijn zijn favoriete baantjes: je hoeft je weinig in te spannen, je kunt lekker kletsen, drinken, en vooral je tevreden voelen. Tevreden om wat je bent, niet om wat je doet. Het moeten' heeft hij afgezworen, nadat zijn moeder hem vroeger te nadrukkelijk in allerlei richtingen heeft geduwd.
Elk jaar komt Alec terug in Oaklake, een plaatsje in de heuvels van de Amerikaanse staat Maine, gelegen aan een dromerig meer. Hier vindt Alec de rust, vaak liggend op de bodem van een boot, lezend in een boek. 's Avonds is hij barkeeper in het hotel van zijn vriend (en medesoldaat uit WOII) Charley.
Begin jaren 50 (tijdens de Amerikaanse Korea-oorlog) komt hier verandering in. In het geheim wordt een groot deel van de vele zomerverblijven opgekocht. Grote delen van het bos worden gekapt. Op de ontstane plek ontstaat "Het Complex", een zwaar bewaakt onderzoekscentrum waar de familie Pousekovsky geheim onderzoek verricht t.b.v. het Amerikaanse leger. Prof. Victor Alexander Pousekovsky, een ex-Rus, is hier bezig met onderzoek dat gericht is op het verplaatsen van materie. Het begint met dode materie, maar de uiteindelijke wens is het verplaatsen van levende materie. In de loop van het verhaal zien we zo blokjes, honden en op een gegeven moment een orang oetang worden overgeplaatst vanuit een ander onderzoekscentrum naar Oaklake. Het is al gauw duidelijk dat Alec in de bijzondere belangstelling staat van de Prof. als er aan een test met een mens gedacht wordt. In diens ogen is Alec toch maar een nutteloos mens die zijn talenten verspilt. Het verplaatsen van materie is natuurlijk van groot belang: landen die geen delfstoffen hebben kunnen deze zich moeiteloos toeëigenen, legers kunnen snel verplaatst worden, ondernemingen hebben geen transport problemen meer en men verliest geen tijd meer. De Prof. denkt dat Alec vooral hier gevoelig voor is. "Heerlijk toch zoveel tijd?" Maar Alec vindt de nieuwe mogelijkheid vooral leiden tot meer onrust.
De oudste stiefzoon van de Prof., William, is bezig met een speciaal radaronderzoek, met behulp van een 'coloradarspiegel': hiermee kan men steeds verder kijken en bespieden wat andere mensen in hun huizen doen. Vliegtuigen kunnen nu ook van binnenuit gevolgd worden. Uiteindelijk wordt de spiegel ook gebruikt voor onderzoek naar buitenaards leven.
De jongere stiefzoon, Albert, is bezig met vertaalmachines die gesproken woord in taal A direct in een willekeurig ander taal B kunnen omzetten. Uiteindelijk is Albert zelfs al aan liplezen toe.
Helen, de Professors eigen dochter, doet onderzoek naar hormonen. Vooral stoffen met een 'drug'-karakter, waarmee men zich gelukkig kan voelen hebben haar belangstelling. In haar standpunt zijn er eigenlijk maar een paar typen mensen. Mensen van type A voelen zich vooral tot andere typen A aangetrokken en minder tot die van B. Met toediening van de drug zou je dit kunnen sturen. Met al deze onderzoeken wordt de mensheid middelen verstrekt om steeds harder te werken onder een steeds groter wordende controle: eigen gevoelens worden onderdrukt, wat je allemaal doet wordt gezien, wat je zegt wordt genoteerd. Ook heb je geen macht meer op je eigen lichaam: je kunt zo overgeplaatst worden naar iets anders.
Tijdens zijn uren als barkeeper waarin Alec diverse opmerkingen van de onderzoekers opvangt en door zijn persoonlijke contacten met de Pousekovskys komt hij achter het grote verband. Hij voelt zich daarnaast zowel aangetrokken tot Helen als tot Jean, de vrouw van William. Met de laatste heeft hij een broer-zus verhouding, zijn gevoelens voor Helen gaan verder. Als hij weer uit Oaklake weg is, is zij ook een van de redenen om weer terug te komen.
Na een hevig debat met Helen laat Alec zich verleiden tot een maandenlange inspanning van schrijven van een cursus tot bekeren van haar (het gaat om rust). Uiteindelijk ziet hij het onmogelijke hiervan in. Ze zal nooit worden zoals hij. Bovendien, is hij al niet veranderd? Hij vlucht het land in. Achter zijn rug wordt Helen als hij weg is onzeker. Ze mist hem. Door zijn aantekeningen te bewerken en te laten publiceren hoopt ze hem weer terug te vinden. Dit lukt. Alec houdt zich schuil in een jongerenkamp aan de grens van de VS en Mexico. Via de journalist Chester F. Hobson van het "48 Syndigate" wordt hij gevonden. Chester is zo'n typische journalist die nieuws maakt: als miljoenen in het nieuws geloven, wat maakt jouw individuele overtuiging (of ervaring) dan nog uit! Voor hem is een foto van de barkeeper en de geflipte Helen het grootste nieuws.
Als op de achtergrond Korea aan belangrijkheid inboet en daardoor ook de geldkraan voor het onderzoekscentrum van de Pousekovskys wordt dichtgedraaid, haken achtereenvolgens Helen en Albert af. Gefrustreerd beginnen ze de Luiheids-bond, gebaseerd op de idee‰n van Alec. Alleen William en de Prof. zelf zijn nog over. De laatste is nu toe aan zijn doorbraak: het verplaatsen van een mens. Alec weet hem te overtuigen dat de Prof. zelf de enige juiste figuur hiervoor is. De proef lukt', maar toch is er iets mis. Zijn ziel (een onmeetbaar iets) komt niet over en zorgt voor storingen op de radio. Helen herinnert zich een antistof die ze in het verleden heeft gevonden en die nu blijkbaar de overhand heeft. De proef moet over na toediening van een drug met compensatiemiddelen. Hierna is de proef pas echt geslaagd.
William heeft ondertussen met zijn 'coloradar' spiegel een verre planeet X gevonden. Er is leven, zelfs een schoolklas. Albert wordt teruggehaald om de leraar te kunnen liplezen. De boodschap van de les (geschiedenis) blijkt te zijn: de wereld gaat aan vlijt (= intellectuele arbeid) ten onder. In het verleden waren lijders aan te veel vlijt richting aarde gestuurd die toen praktisch onbewoonbaar was.
Iedereen stopt hierna zijn onderzoek. De gebouwen worden door hen opgeblazen. Helen en Alec komen eindelijk bij elkaar. Dit werkt ook duidelijk verder op de titel van het boek.

Opmerkingen:

Reacties op het boek:

Leerervaringen:

Bronnen:

"Een ziel is nog steeds niet meetbaar"



Als je dit boekverslag gebruikt stel ik het zeer op prijs als je dit even laat weten door middel van een emailtje.



Terug naar Boekverslagen-Homepage.