Beste bezoeker, het is toegestaan dit verslag voor privé doeleinden te gebruiken.
Het is echter niet toegestaan dit verslag of delen daarvan te kopieëren, en op een andere internetsite
ter beschikking te stellen en/of openbaar te maken dmv druk, fotokopie zonder voorafgaande
schriftelijke toestemming van mij. Voor vragen, bijv. over links, kun je me altijd emailen.
Statestieken

Verslag De H77 is gebleven.

Boekverslag 05-03-'94. Gemaakt door Walter ter Maten, Son en Breugel.


Auteur: Johan Ballegeer. Geboren: 1927.
Titel: De H77 is gebleven.
Uitgeverij: Den Gulden Engel, Wommelgem (Bel.), 1988, oorspr. 1982.
Aantal pagina's: 119
Bijzonderheden: Bekroond met de bronzen ereplakette van de provincie West-Vlaanderen in de provinciale wedstrijd voor letterkunde 1981.

Ander werk:

Samenvatting:

Het is een op ware gebeurtenissen gebaseerd verhaal over de belevenissen van de bemanning van de Vlaamse treiler H77 Gilda tijdens het eerste deel van de 2 WO. Op de laatste bladzijde vinden we de geschiedenis van deze boot. Het schip ging vermoedelijk in de nacht van 12 op 13 december 1942 bij een mijnontploffing of door torpedering ten onder. De volledige bemanning is hierbij gebleven. De thuishaven van het schip en van de bemanning was Heist, vlakbij Knokke in België.
Het jongste bemanningslid was Constant Mallefeydt, 14 jaar, van beroep laver. Ook zijn vader was aan boord: Louis Mallefeydt, 38 jaar, matroos. Constant werd gewoonlijk Stant genoemd. In het hele boek komen veel bijnamen voor. Een broer van Stant heeft de oorlog overleeft volgens een voetnoot.
Stant is de hoofdfiguur in het boek. Door zijn ogen volgen we de gebeurtenissen van het begin van de 2 WO. De hele familie vlucht met vrienden en kennissen en gaan met hun vissersboten richting Frankrijk, om te voorkomen dat hun boten door de Duitsers zouden worden ingepikt. Onder de vrienden is ook Prudence Weber, bijgenaamd Preute Lap, een vriendinnetje van Stant en even oud als Stant.
Frankrijk verkeert in een grote chaos. De Belgische vissersboten moeten al gauw helpen bij het overbrengen van Engelse soldaten van Frankrijk naar Engeland (de ontruiming van Duinkerken). Ze krijgen steeds weer orders van verschillende personen, die soms tegenstrijdig zijn.
Daarbij zijn er genoeg vluchtelingen die weg willen uit Frankrijk. Soms zijn het ook nog bekenden uit België.
De familie van Preute gaat in Normandië van boord. Preute wordt al snel slachtoffer van een bombardement door de Duitsers. Stant heeft dit nooit geweten. Hij vaart langs de Franse kust. Dag en nacht zijn de vissers in de weer. Als ze soldaten in het Engelse Brighton hebben gebracht, worden ze nog gestraft, omdat ze illegale vluchtelingen aan boord hebben die niet op de monsterrol staan. Een paar bemanningsleden moeten zelfs in de gevangenis. De anderen vluchten 's nachts weer met de boot naar Frankrijk. Deze keer willen ze uitsluitend nog hun eigen families en vrienden overbrengen. De familie van Preute wordt echter niet meer gevonden en niemand weet wat er met hen gebeurd is. Men vermoedt dat ze naar Spanje zijn gevlucht. Er worden over veel mensen allerlei geruchten verteld. De waarheid is moeilijk te achterhalen. Bij hun aankomst in Frankrijk vanuit Engeland ontmoeten de vissers van de H77 enkele andere vissers uit Heist. Er worden ervaringen uitgewisseld, aangevuld met allerlei geruchten.
De vissers gaan eerst met hun boot naar Swansea in Wales en later naar Brixham in Cornwall in Zuid-West Engeland. Ze komen ook regelmatig in Cork in het zuiden van Ierland. Ierland was nog niet bij de oorlog betrokken. Stant heeft een brief geschreven aan Preute en deze in een fles gestopt. Hij vraagt haar terug te schrijven en haar brief te sturen naar de Tebby Inn in Cork. Een bevriende kennis gooit de brief op een geschikte plek in zee, waar hij door de golfstroom richting Frankrijk en België genomen wordt. Hij wordt echter onderschept door een Duitse U-boot. Ze begrijpen niet veel van de brief. Op het eerste gezicht inderdaad een brief aan een vriendinnetje. Een gedichtje op het eind brengt hen tot andere gedachten. Wanneer je de eerste woorden van elke regel leest van onder naar boven krijg je de zin: De - vangsten -van - de - H77 - worden - steeds - maar - beter. Dit zou een geheime boodschap kunnen zijn tegen de Duitsers. De brief wordt uiteindelijk door de Duitse geheime dienst in Kiel (Noord-Duitsland) nader onderzocht. Zes weken zijn ze bezig. Ze komen alles te weten over de families van Stant en van Preute. Conclusie: toch gewoon een liefdesbrief (zes weken dus verknald).
De kapitein van de U-boot is niet blij met dit resultaat. Groot is zijn verbazing als hij op zee oog in oog komt met de H77 Gilda, juist op een moment dat hij geen enkele torpedo aan boord heeft. Het zijn dan wel vissers, maar ze hebben de geheime dienst in Kiel zes weken voor niets laten werken. De vissers zien ook de U-boot en in plaats van te vluchten rammen ze de U-boot. Het kost de U-boot bemanning vijf dagen om de schade te herstellen. De kapitein kiest onmiddellijk weer zee met slechts één enkel doel: afrekenen met de H77. Uiteindelijk vindt hij haar.
De eerste torpedo is meteen raak. De H77 breekt in twee stukken en verdwijnt in enkele seconden in de golven. De U-boot gaat naar Kiel om Kerstdag te vieren. Van de H77 Gilda is alleen nog één reddingsboei gevonden. Deze hangt nu in het visserskapelletje in Heist.


Opmerkingen:

In het boek komen veel namen voor van personen die slechts even langskomen, als vluchteling bijvoorbeeld. Hun rol is soms maar beperkt tot enkele regels. Dit maakt het volgen van het verhaal lastig. Een ander lastige bijkomstigheid is dat er ook veel namen van kleine Franse vissersplaatsjes voorkomen. Zonder kaart weet je al gauw niet meer of ze naar west of naar oost varen. Maar dit alles verhoogt wel het gevoel van chaos, wat er toen ook werkelijk was.


Illustratie:

Er is een omslagontwerp van Pierre Wagemans, dat de explosie op de H77 in volle zee toont met op de voorgrond de gezichten van twee personen, vermoedelijk van Stant en van Preute.


Probleem van de hoofdpersoon:

Het probleem van Stant is dat hij niet weet hoe het Preute is vergaan. Hij is verliefd en wil haar graag steeds vlakbij zich hebben. Daarom heeft hij er ook voor gezorgd dat zij en haar familie uit Heist met de H77 konden mee vluchten. Maar in Normandië raken ze elkaar kwijt. Stant probeert uiteindelijk om met haar in contact te komen via de brief waarvoor hij geen betere manier weet dan om die te verzenden via een fles die hij in zee laat gooien.


Brief (per flessepost) aan de hoofdpersoon:

Son en Breugel, 06-03-'94.

Beste Stant,

Ik heb je brief aan Preute gelezen. Door een toeval stond hij afgedrukt in het boven beschreven boek. Het is heel vervelend als je zo uit elkaar moet gaan. En zeker als er oorlog is is het uitwisselen van brieven ook erg lastig. Misschien dat dat mij in de haast in die tijd ook zo was overkomen. Maar achteraf denk ik dat ik mogelijk toch een betere afspraak zou hebben gemaakt. Bijvoorbeeld door af te spreken dat bij vertrek uit een plaats er bericht zou worden achtergelaten bij de pastoor met waarheen de één of de ander vertrokken is. Je kunt elkaar dan nog wel kwijt raken, maar je weet dan tenminste waar dit gebeurt.
Preute is nooit vertrokken en heeft ook geen brief verstuurd. Met bovenstaande afspraak had je hieruit het één en ander kunnen vermoeden. Het verhaal was dan mogelijk anders afgelopen, want je had dan kunnen informeren bij de pastoor.
Je brief aan Preute was wel een hele aardige brief. En misschien dat je juist door deze brief Preute weer eerder hebt kunnen terugvinden...

Groeten, Walter ter Maten.


Als je dit boekverslag gebruikt stel ik het zeer op prijs als je dit even laat weten door middel van een emailtje. Voor dit verslag is een 9 gehaald in HAVO 1.



Terug naar Boekverslagen-Homepage.