Het Asperger Syndroom is een aan autisme aanverwante stoornis,
welke voor het eerst in 1944 door Hans Asperger, een Oostenrijkse
pediater is beschreven.
Dr. Hans Asperger was hoogleraar en pediater aan de Universiteit
van Wenen en leidde daar een afdeling voor
"Heilpädagogiek". Hier kreeg hij kinderen te behandelen die
moeilijk waren in de opvoeding. Vaak kwamen deze bij hem toen zij
ongeveer 7 tot 12 jaar oud waren en werden verwezen door de huisarts
of leraren, soms door radeloze ouders zelf.
In zijn proefschrift Die Autistischen Psychopathen im
Kindesalter (Asperger, 1944) beschreef hij een groep kinderen,
die hem in het bijzonder opvielen. Zij toonden ernstige tekorten in
socialisatie, voorstellingsvermogen en bovenal communicatie. Hun
taalgebruik was meestal wel grammaticaal correct, maar het deed vaak
vreemd aan; soms wat pedant of manieristisch. Een goed gevoel voor
grapjes hadden deze kinderen nauwelijks, alleen als ze vaak herhaald
werden wisten ze dat het een grap moest zijn. Balsporten, fietsen, de
veters strikken en netjes eten waren vaardigheden die zij slechts
moeizaam of niet verwierven. In hun communicatief gebruik van de taal
ging steeds iets mis, net steeds niet sociaal adekwaat. Alsof ze net
een andere taal spraken.
Aan de andere kant vond Asperger bij deze jongens (meestal jongens)
uitzonderlijke gaven, die boven hun gemiddelde capaciteiten ver
uitgingen. Sommigen wisten alles over kikkers, anderen kenden
het tramnet van Wenen uit hun hoofd. Maar: deze feiten hadden in
wezen geen zinvolle relatie met het leven; ze waren als los zand.
Asperger beschreef zijn syndroom ongeveer tegelijkertijd dat
Kanner in Amerika over autisme schreef. Jarenlang zijn de publikaties
van Asperger onopgemerkt gebleven. Het is te danken aan een
nederlandse auteur, van Krevelen, dat het syndroom in de jaren zestig
onder de aandacht van het angelsaksische publiek werd gebracht (van
Krevelen & Kuipers, 1962; van Krevelen,
1963). Desondanks heeft het vijftien jaar geduurd voordat de
stoornis werkelijk in de belangstelling kwam, dit na een artikel van
Lorna Wing (1981). Een en ander heeft uiteindelijk geleid tot opname
in de DSM-IV. Sedert de
opname in de DSM-IV is de vraag of het syndroom van Asperger nu iets
anders is dan high functioning
autisme zeer actueel. Veel auteurs, waaronder Lorna Wing,
menen dat de twee eigenlijk synoniem zijn. Pas de laatste tijd zijn
er aanwijzingen, dat er ook neurobiologische verschillen te vinden
zijn en dat de hypothese dat het Syndroom van Asperger opgevat moet
worden als alleen maar een milde vorm van autisme niet meer houdbaar
is (Jessurun, 1997).