Begrippen
DSM-IV: Diagnostic and Statistical
Manual, Fourth Edition. Dit is een classificatiesysteem,
uitgegeven door de American Psychiatric Association. Het poogt van
allerlei psychiatrische syndromen en stoornissen kenmerken op te
sommen waaraan iemand moet voldoen om een bepaalde
classificatie te krijgen. Iedere classificatie heeft een
nummer.
Er zijn meerdere classificatieschema's. Een veelgebruikte is die van
de World Health Organization, de International Classification of
Diseases, 10e versie (ICD-10), die ook voor de psychiatrische
stoornissen uitgebreider is.
high functioning autisme: Met High
functioning autism (meestal afgekort als HFA), wordt bedoeld
autisme zonder dat er tegelijkertijd sprake is van zwakbegaafdheid.
In verreweg de meeste gevallen dat autisme wordt gediagnosticeerd is
er tevens sprake van zwakbegaafdheid. In de vele gevallen van aan
autisme aanverwante stoornissen komt het zeer regelmatig voor dat
er wel sprake is van een normaal IQ. In de onderzoeksliteratuur wordt
vaak de grens van een IQ van 70 gebruikt voor de definitie van HFA.
In uitzonderlijke gevallen is er sprake van een hoog IQ.
RIAGG:Regionaal Instituut voor Ambulante
Geestelijke Gezondheidszorg.
Een instelling waar mensen terecht kunnen met psychosociale en
psychiatrische problemen. Momenteel zijn er in den lande fusies
gaande tussen de RIAGG's en de in de regio aanwezige Algemene
Psychiatrische Ziekenhuizen, waardoor aan de cliënten een totaal
pakket van geestelijke gezondheidszorg geboden kan worden. In de
meeste regio's valt de zorg en voor en diagnostiek van autisme en
aanverwante problematiek bij normale of hogere begaafdheid onder de
RIAGG's.
theory of mind: Het begrip theory of
mind wordt vaak gebruikt om de moeilijkheden die autisten
ondervinden in het begrijpen van andere mensen te beschrijven. Het is
een begrip uit de cognitieve psychologie. De mind is een
niveau van beschrijven tussen wat er in de hersenen gebeurd en wat er
zich in het gedrag laat zien. Met theory of mind wordt dan globaal
bedoeld, de theorie die we hebben om te snappen wat er in iemand
anders hoofd omgaat. Zich kunnen verplaatsen in de ander is voor de
meeste autisten en aanverwanten uitermate moeilijk.
In de onderzoeksliteratuur wordt vaak gesproken over 1e orde en 2e
orde TOM. De eerste orde is eenvoudiger: Jan denkt dat Piet
denkt. De tweede orde gaat een stap verder: Jan denkt dat Piet
denkt dat Klaas denkt.
drs. J.H. Jessurun
e-mail: jhjess@adear.IAEhv.nl
version: 1.00
last revised: 10 April 1998